Ongezond

Ik blijf me soms over mezelf verbazen:

  1. Ik ben niet ziek. Griep schijnt te heersen. Ik heb het niet. (En ja, ik heb voorgaande uitspraak op echt hout afgeklopt.)
  2. Ik slaap gigantisch goed. Als ik eenmaal slaap is dat praktisch altijd onafgebroken tot ergens in de morgen. Heerlijk.
  3. Ik heb genoeg geld of geld genoeg.
  4. Ik heb een goedkope gave kamer in een geweldig gezellig studentenhuis.
  5. Ik doe (het grootste gedeelte) van mijn studie met oprechte interesse en haal (over het algemeen) m’n vakken.
  6. Ik heb genoeg mensen in mijn omgeving om me te helpen als ik ze nodig heb of om ze te helpen als ze mij nodig hebben.

En toch zou ik mezelf (slechts?) als tevreden omschrijven, niet als gelukkig. Ik vind het eigenaardig. Ik lijk zo toch meer dan alles te bezitten? Het zal wel niet kwantitatief werken dan…

(Dit is officieel het bericht met het meeste voorkomen van de term ‘ik’!)